Vandaag Almere gaat 350 populieren kappen die zwaar te leiden hebben gehad onder de storm van 21 juni. Tegenwoordig kan een gemeente dat natuurlijk omdat de populieren zeer waarschijnlijk ook eigendom zijn van Almere. Hoe dat in het verleden grote problemen heeft opgeleverd, lezen we in de processtukken van jonkheer Von Weiler van Poelwijk tegen de gemeente Zevenaar.
1859-1862 De jonkheer Godfried Carl von Weiler klaagt de gemeente Zevenaar aan voor de onrechtmatige kap van populieren aan de weg tussen Zevenaar en Oud-Zevenaar. Het proces sleept drie jaar voort en gaat de boeken in als het proces Boompjes nr. 4. Op 9 augustus 1859 levert landmeter Slaterus een kaart op van de weg waarlangs de bomen gekapt zijn, op schaal van 1:2.500.
Het is niet het enige geschil met de heer van Poelwijk over de eigendom van bomen. In 1777 al worden per ongeluk wilgen geknot en moet de pastoor zich zelfs met de zaak te bemoeien. In 1844 hebben de volgende heer Van Poelwijk en de pastoor een geschil over de bomen aan de Tigchelkamp. De nette correspondentie tussen 1856 en 1862, die vooral tussen advocaten en vertegenwoordigers gaat, is dan ook een stap in de goede richting, zullen we maar zeggen.
Of Almere dit soort zaken tegemoet moet zijn, valt te betwijfelen. Het aantal jonkheren dat zich kan beklagen over het eigendom van de populieren tussen de nieuwbouwwijken is ongetwijfeld gering.
Gelders Archief, toegang 424: Huis Poelwijk, inventarisnr. 93 t/m 95.






